Lange golven maken van schip en dinghy een circusact. “Ja nu”, op de top van een dwarsligger maak ik één voet van de fenderstep los, nu nummer twee nog. “Geef dat vuilnis en de tas even aan”, twee handen geklemd aan de stootrand, de bijboot is onder controle.
Waar we op vrijdag besloten de baai van Poros door naderend zwaar weer (38 knp, kracht 8) te verlaten, waait de wind in Aegina nu matig (20 knp, kracht 5) èn uit de goede hoek.
Het is zondagmiddag, zaterdag is wisseldag in de verhuursector en vers (in Athene) gehuurde boten stormen de baai in. “No not there”, riep de Schip zojuist nog naar een zeskoppige bemanning. “Not so close, drop your anchor behind or stay in front of me, we swing, the wind will turn early tomorrow, we’ll bump and you will end on the beach.” Ankeren mèt zijwind, op zandgrond met zeegras, en mèt inachtneming van andere zwaaiers, is best een dingetje. De bemanning zocht gelukkig een veiligere positie. Ziezo, we kunnen van boord! Wordt tijd voor een serieuze poging de tempel van Aphaia te voet te bereiken.
Het haventje met één korte kade haaks op de landingsplek van de veerboot ligt vol. Dit kleurrijke stadje tegen de berg; winkeltjes, restaurantjes, uitzicht op strandleven èn geankerde schepen voedt het reizigershart.
8.00 Uur maandag
“We gaan proberen in het haventje te komen, Jan bestudeert het weer, vroeg in de middag draait de wind naar Noord, dan liggen we hier niet meer oké.” Wanneer een uurtje later de eerste flottielje boten vertrekken, parkeren Jan en Frits van de Argonaut de dinghy in het haventje. In de tussentijd wordt de boel gereed gemaakt voor de landing. Morgen blijven we liggen …. bussen we naar Aegina stad!
Dinsdag 1 juli
In de drukke toeristische stad weerkaatsen de gebouwen een vermoeiende hitte. Trappen tillen ons er bovenuit. Met vaste tred klimmen Marjan (Argonaut) en ik naar boven. Schuiven door de houten deur direkt in de verkwikkende stilte van een kerk. “You can take two candles today, it is July 1st, a holy day”, uit het niets duikt een magere oude vrouw op. Even kijken we haar niet begrijpend aan, maar dan verdwijnen onze muntjes vanzelf door de houten sleuf van de bak.
14.30 uur
“Pfff, we zijn er, gehaald, op tijd voor de tocht langs de afgrond”, grijns ik achterom. De buschauffeur vòòr me lijkt onverschillig.
15.30 Uur
Weer op onszelf op een terras in Aegina Marina, bestuderen we de schepen. Snel zullen wij hier vertrekken. In de deuropening van het pandje op de hoek ontwaren we, met haar handen in haar zij, de zuchtende winkeleigenaresse. Gisteren viel de stroom uit, de hele overheid kwam in een niet te stuiten niet vlijende woordenstroom voorbij. Marjan en ik gaven haar maar de ruimte.
Peinzend nemen we een slokje van de Cola Zero. “Weet je nog”, zeg ik. “Dat geweldige restaurant in Poros? Eigenaren zijn broer en zus en voortgekomen uit een vakantieliefde tussen een Nederlands meisje en een Griekse man. Op hùn beurt hebben ook zij kinderen die hier opgroeien, àltijd werken, tussen april en november dan. ‘s Winters is hier helemaal niets …. De vakantieganger heeft het niet zo in de gaten, is ook niet de bedoeling, maar de ‘gewone’ Griek leeft in een, in veel opzichten, andere werkelijkheid….
Een ander leven.

Geniet van jullie bijzonder reis!
Met Martin gaat het redelijk.
Gisteren bij de cardioloog geweest, die heeft Martin wel wat gerust gesteld.
Liefs ons