“Hoi, hoi”, de volgestouwde havenkar midden op de steiger, Jan ernaast. “Klasse, geef maar door.” De bestelde familievoorraad voedsel, water (véél water al dan niet met bubbels) en andere dorstlessers belanden van kar in gangpad. Uitpakken, lijst erbij, checken; “nee hè”, diepe zucht ‘ik mis de hèlft”…. Even sta ik er moedeloos naar te kijken. We zijn al zo druk, het is bloody hot en zo…..
2 Opgetogen kinderen mèt rugzak slalommen in looppas naar de kop van de steiger. De kleinste van de twee wint: “hoi oma”, vliegensvlug neemt ze de halve meter hoge boottrap, kijkt naar haar voeten en spurt even snel weer terug. “Daar ben ik dan”, broer volgt: “Kijk Alex je schoenen moeten naast de trap, bij die van opa en oma.”
Inmiddels in gesprek met de bezorgdienst, voel ik die àndere warmte opkomen. Heerlijk hen te zien, we gaan er de komende week weer een feestje van maken!
Achter het anker
Mellieha Bay;
een wijde goed beschutte baai, mèt geweldig strand, restaurants, watercircuit voor de kinderen.. Ze sprongen van de boot, we speelden kaart, lachten veel en bezochten uitgebreid het strand met al haar toebehoren. Kortom; een heerlijke week wordt veilig opgeborgen in het archief der herinneringen.
Het is nacht, de kinderen slapen onder de klamboe in de cockpit. De wind trekt aan, de boot deint; zij merken het niet. Onze zoon hoort het gieren van de wind en staat plots buiten tussen zijn kinderen. Dan zachtjes doch dringend: “pa, pa, we liggen niet goed, veel te dicht op de boot achter ons”.
We sprinten naar buiten, “gaan jullie maar bij mama liggen”, dirigeert papa. Slaapdronken gehoorzamen broer en zus direkt. Het roer is voor mij, vader en zoon staan met zoeklicht op de punt. We twijfelen heel kort, maar gaan anker op en wagen, met positie op de plotter, een nieuwe poging. De wind haalt uit… schiet door.
De Schip en zijn mate hielden die nacht de ankerwacht buiten.
Mellieha Bay,
Dag 3
Bezoek..
“Yesses….” Het openstaande glazenlaadje wordt hard dichtgeklapt. De schrik is groot, we staan er bewegingsloos bij. “Een kakkerlak; een hele grote”. “Pak de lamp, vlug”, we speuren, halen de boel leeg, lichten de vloer eronder. Niets, allang weg natuurlijk.
De afgelopen 30 jaar heeft ons strenge antibeleid (geen schoenen, karton, onuitgepakte boodschappen en tassen en zelfs ongecontroleerde onderkant van gasflessen aan boord) een illegale huisvesting kunnen voorkomen. Zekere in Las Palmas (waar de kakkerlakken voor je voeten wegspringen), de hele Carieb, Trinidad, Marokko en Zuid-Europa heeft dat echt gewerkt. Alleen…. nu op Malta?
In shock lezen we alles wat los en vast zit over de zgn “Amerikaanse kakkerlak”. Bezoekt schepen via landvasten, steigers, open dakluiken en ja ook op de zojuist genoemde manieren. Komen in de Med veelvuldig voor op Malta, Sicilië en Griekenland; fijn.
De komende dagen ruimen we elk kruimeltje op, gaan veelvuldig op jacht, vangen er één (tussen de uien), blijven monitoren en doen schietgebedjes, veel schietgebedjes.
Het strandleven wordt weer opgepakt en ook een tripje naar de Blue Lagoon kán niet uitblijven, toch…. sliep ik met één oog open.
Dag 5
“Ik ga vandaag niet naar het zuiden van het eiland”, de fronsende schipper verdringt per direkt al mijn dromen. “Er lekt koelvloeistof van de motor”. Wat nù weer, “oké we blijven, de vissersbaai in het zuiden is toch minder aantrekkelijk, we gaan vanaf hier overmorgen gewoon terug naar de haven”, automatisch druk ik op de knop van de koffiemachine, even wakker worden.. Jan duikt in alle mogelijke koelstof gerelateerde literatuur, oppert diverse oorzaken, legt keukenpapier onder de motor (ter monitoring (nr 2 nu, pfff)) en eindigt met de opmerking: “Ga een monteur in de haven, die verstand heeft van Perkins motoren, regelen.
Dag 7
De enthousiaste eigenaresse van de marina, zwaait ons toe, staat mèt marinero en monteur klaar de lijntjes aan te pakken. Blij welkom, dat van die kakkerlakken houden we maar (letterlijk) voor onszelf. De kinderen vertrekken per Bolt (soort Uber) voor een bezoek aan de oude stad, wij schieten in de 4e versnelling:
-monteur begeiden, boot afspuiten, water tanken, diesel tanken, kakkerlak bestrijdingsmiddelen bestellen; dit alles voor de Schip
-schoonmaken, 8! Wassen draaien, alles opruimen, boodschappen bestellen, alle kastjes (en dat zijn er veel) soppen en inruimen, extra afsluitbare bakjes levensmiddelen online uitzoeken en bestellen, speuren naar een bin van de juiste afmeting mèt deksel; voor de first mate.
-Samen zetten we, vallen, smeren strategisch het giftige spul en… vangen als afsluiting een echt eng exemplaar. “Zou het er dan toch maar één..” Nee natuurlijk niet.
Dag 8
Het lukt om tussendoor een voorlopig laatste lunch met de kinderen te organiseren. Door het komende afscheid straks, zijn we allemaal een beetje bedrukt. Een intens leven in je eigen nestje is weer even voorbij. Turend naar de dessertkaart: “Ik moet terug naar de boot, de monteur wacht”, de schipper legt de kaart op tafel, staat langzaam op en verdwijnt. Even kijken de kleinkinderen beteuterd maar dan zegt de jongste: “kijk die dames naast ons hebben koffie gedronken en hebben de koekjes laten liggen, de favoriet van opa!, die neem ík mee”. Ik hoor het nauwelijks, ben met mijn hoofd bij Jan en de monteur. Hopelijk wordt de lekkage opgelost.
Met ingehouden emotie brengen we de kinderen naar de taxi, we nemen afscheid, zijn even samen alleen op de wereld.
Vanmiddag vervangt de monteur de (vloeibare) pakking van de oliekoeler, vanavond gaan we 25 liter vloeistof (die dan inmiddels ónder de motor ligt!) wegpompen en afvoeren. Hete klus, maar alles is straks weer veilig!
‘s Avonds streken we, na alle hektiek, neer in óns restaurantje. We moeten even op de rails komen. “Ik mis hen nu al”, zeg ik. Jan voelt in zijn broekzak en haalt er een koekje uit. “Van Juliëtte”, zeg ik. De schipper brak.
Maandag 24 augustus
De dame loopt met haar wakkerwordt koffie over het ponton. Hèt signaal de haven te betalen. Moorings en landvasten zijn snel los. Een laatste zwaai en we zijn weer onderweg, 60 nm naar Sicilië. Vanaf morgen wachten op een goed window voor de 300 nm naar Griekenland.
Portopalo
Dinsdag 25 augustus
Het is 05.00 uur, de schipper zit onder de salonlampen, bestudeert de laptop. “We gaan vandaag”, zegt hij. Het is voor de komende 2,5 dag gunstig, daarna weinig wind uit de verkeerde hoek”. “Oké, nu half en ruim, wat doen wind en golven?” “Yep, 10-15 knp halve en ruime wind, laatste 7 uur tot 25 knp met uitschieters naar 30 (dikke zes), golven 1,5 m”. Klinkt inderdaad uitstekend, nu snel douchen en schip gereed maken.
06.00 uur
Onderweg naar ‘huis’
De eerste dag verloopt als een zonnetje. Het is midden op de dag dat we een “Mayday Relay” horen. Het is een oproep van een zeilschip voor een “overcrowded” rubberen vluchtelingenboot! We checken de coördinaten, de kustwacht Lampedusa reageert en de S.O.S. Hummanity 1 (reddingsschip) wordt verzocht met het station contact op te nemen.
Rustig varen wíj verder, de nacht in. We lopen hard (7/8 knopen). De zaklamp vanuit het universum schijnt ons bij: de maan is vol en helder! Met de heldere poolster achter ons, zeilen we gestaag in het midden van de (flauw verlichte) cirkel.
Wanneer Jan de wacht overneemt is er niets gebeurd. Op de plotter spotte ik slechts één opstakel. Een veerboot met een te klein CPA. Al snel nu roept Jan hem op, hij had ons inderdaad niet gezien en verlegt zijn koers.
27 augustus
Vandaag draait de wind van zuidwest naar noordwest. Niet helemaal door zien we en twijfelen, willen straks met harde wind niet scherp, nemen de beslissing de koers te verleggen naar Zakynthos (ipv Kefalonia). De wind trekt aan, Anna Sophia swingt als een stoere doch venijnige dame. Aangelijnd, tuur ik in de golven. “Die zijn géén 1,5 meter, zeker 2”. “Of hoger”, is het antwoord.
Twee keer galmt een Mayday door de cockpit; een MOB (man over boord) oproep tot het uitkijken naar een drenkeling. Als even later de gestarte generator de accu’s niet bijvult, slaat de schrik ons om het hart, gaan op onderzoek. Niets aan de hand, blijkt een probleempje met de voeding van de spontaan aangeslagen airco.
We kruipen weer in onze hoek. Het is een prima zeiltocht en wanneer we bij het eerste ochtendlicht het vaste land van Griekenland spotten voelt het als thuiskomen. (De vannacht twee precies in mijn hoekje te pletter geslagen golven ben ik alweer vergeten.)

Mooi window gepakt, fijn dat jullie weer aan de Griekse kant zijn!